Nieuw clubrecord 10.000 hm in 37:03:32

Neen, geen spelfouten in de kop, hoogtemeters ipv. vlakke afstand en uren ipv minuten! Dit is een verslag van UTMB 2017 (Ultra Trail Mont Blanc) , volgens velen de meest competitieve editie van de grootste en meest prestigieuze Trail Ultra in de wereld. Op 1 september had ik de eer deze wedstrijd van 10km te lopen over een periode van vrijdag avond tot zondag in de vroege ochtend. Verticale kilometers wel te verstaan. En niet op een piste of verhard parcours. Neen, over 171km bergpaden die door het slechte weer soms werden gereduceerd tot modderige beekjes.




youtube film


Daags voor de wedstrijd krijgen we een sms van de organisatie: de     wedstrijd wordt mogelijks ingekort of afgelast. Allerlei doemscenario’s vliegen door mijn hoofd. De vorige dagen was het nochtans prachtig weer in de vallei, maar sinds de ochtend hadden we de nodige dosis regen. Het wordt bang afwachten tot we de volgende dag uitsluitsel zullen krijgen over de condities. Maar ook indien het weer terug betert, zal de regen de paden hebben bijgewerkt tot de nodige modderige glijpartijen … Ik baal, want toen ik 5 jaar geleden door de korte winteravonden mijn MTB inruilde voor loopschoenen, droomde ik heimelijk al van deze wedstrijd. Ik wil dus de volledige afstand afzien. Met een afgietsel nemen we geen genoegen. We hebben niet voor niets al 2 jaar punten zitten verzamelen op andere zware Europese Ultra’s (Mont Blanc 80 (87km en 6000hm), Ultra Pirineu (117km en 7000hm) en Real Kick Ultra (125km en 3500hm).
 
Het wordt uiteindelijk wachten tot we een sms krijgen op vrijdag 1 september voor uitsluitsel. De wedstrijd gaat door mits enkele wijzigingen. De start wordt met een half uur verlaat tot 18h30, een col wordt eraf geknipt (scheelt 1-2km en 100hm+ conform het parcours van 2015 en voorheen) en de laatste klim wordt hertekend. Gevoelstemperaturen tot -9°C worden voorspeld voor op de cols. Het zal een helse editie worden, maar we krijgen een kans om het monster te temmen. De dag rustig doorkomen lukt echter niet meer. Slapen is niet meer aan de orde en al snel vertrekken we naar de start te Chamonix. Eenmaal in het dorp luister ik naar muziek om me te kunnen focussen en als een bokser die naar de ring loopt gaan we naar de startboog. Al de trainingen een voorbereidingen zitten erop. Met onder andere weken van 150km, het parcours samen met Aäron gestapt in 6 dagen en de hoogste trail van Europa in Val D’Isere hebben ze hopelijk voldoende ammunitie om de oorlog doorstaan.

De start verloopt chaotisch, maar gelukkig zaten we redelijk vooraan in het pak van 2500 lopers. Na een mensentunnel van enkele kilometers lang arriveren we in Les Houches. In het eerste dorp staan naast het parcours mijn persoonlijke supporters. Mijn vriendin Hermine, mijn ouders en Bart en Olmo, twee van mijn beste vrienden zijn afgereisd. Ook tijdens het begin van de klim staan er nog veel mensen, maar al snel zitten we in het geluid van de wandelstokken die de meeste lopers gebruiken om efficiënter te klimmen. Het is beginnen regenen en dit zal ook zo blijven voor het merendeel van de wedstrijd, maar als we hoger geraken is er ook mist … Gezien mijn lichaamswarmte opgebouwd tijdens de eerste klim wordt de eerste afdaling over modder en grasstroken hierdoor niet gemakkelijker. Mijn bril is aan gedampt … Alle lopers halen hun hoofdlampen uit, maar de afdaling doen we met wat reserve. Ik hou mijn lampje in de hand om toch wat zicht te hebben in de mist tot ik in het dorp mijn bril deftig kan kuisen.

Ook in Saint Gervais staat massaal veel volk. Ik voel me goed en houd een strak tempo tot Les Contamines Montjoie, waar mijn crew de laatste keer zal staan voor ze terug naar het appartement gaan om enkele uren te proberen slapen. In mijn rugzak zit naast meer dan 3kg verplicht materiaal dat we nodig hebben volgens de organisatie terug een grote lading sportvoeding. Helaas de meeste met cafeïne, iets wat ik later ga betreuren. De bril is voor enkele kilometers proper en we starten op het gemak, want ik weet van mijn verkenning van het parcours dat er een lange, met momenten heel steile klim aankomt. En ja hoor, om het feest compleet te maken dampt vanaf La Balme de bril weer aan. In combinatie met de mist zie ik met momenten niet meer dan enkele meters voor me uit. Het zal zo blijven tot de Col en later de Croix de Bonhomme. De sneeuw valt mee, maar gezien de temperatuur wordt het direct afdalen tot Les Chapieux waar we een eerste keer een veiligheidscontrole hebben om te kijken of we al het verplichte materiaal nog op zak hebben.

We zitten nog steeds in Frankrijk als we de lange klim naar Col de La Seigne beginnen. In het begin stijgt het langzaam en loopt het parcours vlot, dus ik verhoog mijn tempo en laat al snel Mustafa achter me, een Belg waarmee ik een kort gesprek deel op de aanloop naast de rivier. Aangezien op ieders racenummer hun land zichtbaar is, is het niet moeilijk om vrienden te maken. Het steilste stuk na Ville des Glaciers, net voor de Col doe ik haasje over met enkele Japanners. Op de Col arriveren we in Italië. De afdaling loopt rustig. Ik trek rustig voort en blijk later als eerste Belg op pad te zijn. Na ons water en cola aangevuld te hebben in Lac Combal is het weer omhoog naar de Col Checrouit. Hier na komt er een technisch stuk. Eerst een gewone afdaling, maar het tweede stuk is een pak steiler. Eindelijk kan de hoofdlamp terug de rugzak in, maar het steile pad onder de skilift laat weinig foutenmarge. De zon blijft verscholen achter de regenwolken, als ik in het zog van enkele lopers het steile pad afloop. Met stukken van -30 tot -40% geen sinicure. Maar eenmaal in de Italiaanse bergstad Courmayeur zal ik mijn familie en vrienden terugzien.

Via mijn horloge weet ik perfect waar ik me bevind op het parcours. Via de hoogtemeters kan ik alles goed volgen, maar om batterij te sparen staat m’n Garmin in een speciale modus waardoor hij minder punten registreert en een grotere foutenmarge toelaat. Op 78 lapt hij er al 23km al bij …

Mijn vader loop de laatste kilometer door de smalle straatjes van het bergdorp naast me. Ik verheug me op het grote bord Pasta dat de Italiaanse vrijwilligers me zullen aanbieden. De moraal zit goed, alles voelt goed als we terug aanzetten. Na 13h wedstrijd begint eindelijk de dag. Ik stap door het dorp voor dat de klim naar Refuge Bertone begint. Ik dacht dat de pasta hierdoor vlot kon zakken, maar in het stukken tussen de Bertone en de Refuge Bonatti, komt de man met de hamer voor een eerste keer op bezoek. De maag werkt tegen, mijn energie-niveau zakt. Ook de overdaad aan cafeïne tijdens de nacht begint te spelen. Ik had de Cola moeten negeren en enkel water in mijn rugzak meesleuren. In de Bonatti probeer ik de slaap tegen te werken door warme kledij aan te doen en in de Refuge meerdere kommen noedelsoep binnen te werken.

Een half uur later wordt ik wakker gemaakt door de wind en de koude. Het zal een half uur duren eer de machine terug opgewarmd raakt, maar de powernap heeft wel gewerkt. De mixtape van het liefje wordt opgestart en ik zak naar Arnouvaz. Ook daar hebben ze gelukkig enkele kommen pasta met zoute bouillon. En op de klim hebben Bart en Olmo post gevat. Een leuke verassing want die had ik hier niet verwacht. Ze twijfelen om mee de Col te doen, maar laten dit idee door de wind en sneeuw al snel varen. Ze zullen dankzij files en een bottleneck in de organisatie uiteindelijk meer dan 6h nodig hebben om via met de bus door de Mont Blanc tunnel te geraken. De hagel vergezelt me dan maar tot de Grand Col Ferret waar ik teleurgesteld mijn paspoort niet moet tonen aan de Zwitsers die op de Col post hebben gevat.

Toen ik hier in juni kwam was het ook slecht weer, maar was het pad onzichtbaar dankzij de sneeuwvelden, gelukkig is er nu op ijs en sneeuw na op de Italiaanse kant weinig sneeuw in de afdaling. Na 100km begint de veer te breken. Afdalen gaat niet altijd meer al lopend. De Ultra is nu echt begonnen. Nu begint het spelletje. Sommige mensen zeggen dat elke ultra eigenlijk maar een afstand van een vijftiental centimeter lang is … de afstand tussen je beide oren. De komende uren zal ik ontdekken waar mijn grens ligt.

In La Fouly switch ik van schoenen. Iets bredere schoenen met meer comfort. Ze lopen wel minder vlot, maar het is nu niet dat ik nog zo veel stukken kan lopen. Waar mogelijk als het vlakker is geraak ik nog vooruit, maar voor de rest wordt het stappen. Desalniettemin haal ik tijdens elke beklimming vlot lopers in. Maar in de afdalingen moet ik steed terrein prijsgeven. In Champex-Lac op 123km slaap ik nog een halfuurtje en gooit Hermine me een nieuwe avond in. De nacht valt tijdens de beklimming via Plan de L’Au naar La Giète waar het pad soms de rivierbedding is en we over stenen moeten springen tot de top. Door de slapeloosheid begin ik hallucineren. Soms denk dat ik mensen zie zwaaien, maar gelukkig ken in deze paden van de verkenning en weet ik dat het struiken zijn die wiegen in de wind. We zijn op onbekend terrein. Zo lang ben ik nog nooit op pad geweest. In de modder schuiven we dan maar via Col de la Forclaz naar het dal in Trient waar ik mijn geheime wapen bovenhaal …

Dankzij de pillen gevuld met pure cafeïne vlieg ik de naar de top van de Catogne als een trein op rails (één pilletje heeft het effect van twee grote tassen koffie). Meerdere lopers moeten afhaken en wonderwel kan ik de afdaling naar Vallorcine zelfs stukken lopen. We zitten nu op 150km wedstrijd en het effect van de boost is weg als ik in het dorp toekom. De crew lapt me op, nog meer sinaasappel in het systeem om de maag te vriend te houden en dan met een vers pilletje terug de nacht in. Ik wil slapen, maar nog meer wil ik dit beest temmen. Een warme douche zal moeten wachten. De Cols de Montets temmen we vlot maar hierna sturen ze ons dankzij de routewijziging het bos in. Hermine dacht dat het nog maar 400m stijgen was, maar het wordt meer dan het dubbele. En in het bos zijn er zoveel grote stenen en afdalingen waar we als een dier op vier voeten maar langsaam vooruit geraken. Gelukkig zijn we niet alleen, want in de vele stenen herken ik allerhande gezichten. F**k … de pil werkt niet meer, we zijn terug zwaar aan het hallucineren, maar ik durf geen extra meer te nemen. Mijn knie zit wat geblokkeerd en de linkse kant van mijn rechtse knieschijf staat dik. Die staat duidelijk op de limiet. De rest van de klim wordt terug steiler en het laatste stuk sturen ze ons over de skipiste naar het skistation van La Flégère.

Maar van hieruit zien we de lichtjes van Chamonix onder ons. Nog 8km en dan zijn we er. Het wordt wel een 800tal meter zakken via een pad van maar -10% … tergend langzaam dus. En omdat we door de knie en de spierscheurtjes in de quadriceps niet vlot meer vooruit geraken strompelen we dan maar de berg af onder het ritme van luide beats.
De laatste 2km ben ik het stappen echter zo beu en wil ik gewoon douchen waardoor ik een nieuwe vorm van lopen ontdek: de voorwaartse moonwalk, door sommigen beter gekend als de Ultra-Shuffle. Zo ontmoet ik iets later men vader die mee de stad in loopt. We gaan het halen! Met Hermine loop ik dan hand in hand de laatste kilometer tot de finish. We zijn heel diep moeten gaan en hebben onszelf vaak tegen gekomen, maar we hebben een finishers gilet verdiend: we zijn een UTMB’er.

De tijd van 37 uur 03 minuten en 32 seconden is enkele uren trager dan verhoopt, maar we zijn onverhoopt toch nog 3e van een dertigtal Belgen (http://www.lavenir.net/cnt/dmf20170903_01049217/utmb-2017-le-classement-de-tous-les-belges). Door het slechte weer heeft iedereen afgezien. Niet slecht voor een eerste 100 miler.

Nu ik dit verslag enkele weken later dit verslag eindelijk afwerk, zijn we bijna volledig hersteld. De knie is terug in orde en voelen we enkel nog op sommige momenten. We kunnen al terug vlot lopen en hebben naast bier ook de MTB herontdekt. Maar wat de volgende uitdaging wordt … dat weten we niet. Mogelijks minder ver want we hebben eindelijk onze huidige limiet ontdekt. En daar neem ik vrede mee.

Bij deze wil ik ook mijn familie en vrienden bedanken voor de steun tijdens de voorbereiding en de voorbije jaren, alsook Jeroen de Osteopaat om mij met een groot onderhoud mijn herstel te bespoedigen. Maar natuurlijk ook Dirk Vervaet, die als trainer van een divers samenraapsel lopers met iedereen rekening houdt en ons steeds onbaatzuchtig verder helpt. Ongeacht het weer, of bouten die uit zijn arm steken staat hij daar twee keer per week ons met zijn eigen rustige stijl aan te manen naar grotere hoogtes. En dat mag je met 10 verticale kilometers letterlijk nemen.